Milieu Effect Rapportage

Wat is dat? Een Milieueffectrapportage (m.e.r.) brengt de milieueffecten van een plan in beeld voordat de provincie daar een besluit over neemt. De verwachte effecten worden beschreven in een milieueffectrapport. Zo kan de provincie waneer die het besluit neemt de milieueffecten bij haar afwegingen betrekken.

Notitie reikwijdte en detailniveau

De Notitie reikwijdte en detailniveau is de eerste stap om te komen tot een MER. Deze notitie geeft de afbakening van de onderzoeksonderwerpen voor de milieueffectrapportage en een toelichting op de aanpak van de milieueffectrapportage.

Op dinsdag 13 augustus 2019 is de concept Notitie reikwijdte en detailniveau MER Zeeuwse Omgevingsvisie 2021 door Gedeputeerde Staten vastgesteld. De concept notitie ligt ter inzage van 21 augustus tot 26 september 2019.


Wat is het doel van milieueffectrapportage?

Het doel van m.e.r. is om het milieu een volwaardige

plaats te geven in de besluitvorming over plannen en

projecten. Denk aan de aanleg van wegen, de bouw van

een energiecentrale, een bedrijventerrein of een zoekgebied voor een windturbinepark. Nevendoelen zijn transparantie van en het faciliteren van participatie bij de besluitvorming.

Initiatiefnemers beschrijven de verwachte gevolgen voor

het milieu in een milieueffectrapport. Voor een zorgvuldige afweging bevat het rapport alternatieve oplossingen met bijbehorende milieueffecten en mogelijke maatregelen om nadelige effecten te verminderen of weg te nemen. De verantwoordelijke overheid - Rijk, provincie, gemeente, waterschap - neemt het rapport mee in haar overwegingen.

Wanneer is m.e.r. verplicht?

De Wet milieubeheer regelt de m.e.r.-procedure en de

inschakeling van de Commissie m.e.r. Het Besluit m.e.r.

beschrijft welke activiteiten m.e.r.-plichtig zijn.


M.e.r. is verplicht bij een plan als:

  • het plan kaders stelt voor activiteiten in het plangebied waarvoor volgens de Wet milieubeheer een project-m.e.r. of een m.e.r.-beoordeling verplicht is.
  • of als de ontwikkelingen binnen het plan mogelijk tot significante gevolgen leiden voor Natura 2000-gebieden waardoor een Passende beoordeling nodig is.


M.e.r. is verplicht bij een project als:

  • de activiteit is opgenomen in kolom 1 van onderdeel C van de bijlage bij het Besluit m.e.r.
  • de omvang van de activiteit de drempelwaarde van kolom 2 van de C-lijst overschrijdt,
  • en er een besluit als genoemd in kolom 4 van de Clijst nodig is.


M.e.r.-beoordeling

Voor projecten boven de drempelwaarde van onderdeel D

van de Bijlage bij het Besluit m.e.r. geldt een formele

m.e.r.-beoordeling. Onder de drempelwaarde geldt een

vormvrije m.e.r.-beoordeling. Er zijn weinig verschillen

tussen de formele en vormvrije m.e.r.-beoordeling voor

projecten. Voor plannen die kaderstellend zijn onder de

D-drempel geldt een plan-m.e.r.-beoordeling.

Waarom een m.e.r. voor de Zeeuwse Omgevingsvisie 2021?

De Zeeuwse Omgevingsvisie 2021 is een strategische visie op hoofdlijnen. Is het dan wel nodig om een m.e.r. te maken? Provinciale Staten heeft door middel van vaststelling van de Kaderagenda Zeeuwse omgevingsvisie 2021 kaders meegegeven voor de Omgevingsvisie. Dit maakt de Zeeuwse Omgevingsvisie 2021 een kaderstellen plan voor toekomstige m.e.r. plichtige of m.e.r. - beoordelingsplichtige plannen.

De Zeeuwse Omgevingsvisie 2021 is een wettelijk verplicht plan. De Omgevingswet schrijft voor dat wettelijk verplichte plannen de formele milieueffectrapportage procedure (plan-m.e.r.) dienen te doorlopen, indien:

  • het plan kaderstellend is voor toekomstige m.e.r.-plichtige of m.e.r.-beoordelingsplichtige projecten, of
  • de noodzaak bestaat om een Passende beoordeling op te stellen, zodat significante gevolgen voor de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000- gebieden kunnen worden uitgesloten.


Voor de Zeeuwse Omgevingsvisie 2021 zijn beide criteria van toepassing. De Kaderagenda Zeeuwse Omgevingsvisie 2021 bevat een overzicht van nog uit te werken bouwstenen. Het is op voorhand niet uit te sluiten dat een nadere uitwerking van bepaalde bouwstenen op termijn ruimte geeft aan toekomstige m.e.r.-plichtige of m.e.r.-beoordelingsplichtige projecten. Voorbeelden van dergelijke projecten zijn:

  • de oprichting, wijziging of uitbreiding van windturbineparken;
  • het aanleggen, wijzigingen of uitbreiden van buisleidingen voor het transport bijvoorbeeld warm water, stoom of kooldioxide en waterstof;
  • diepboringen voor geothermie.


Wanneer de Zeeuwse Omgevingsvisie 2021 ruimte geeft aan dit soort projecten en activiteiten en daartoe kaders stelt, is de Omgevingsvisie plan-m.e.r.-plichtig.


Ook is onderzoek gewenst naar mogelijk significante gevolgen voor de instandhoudingsdoelen voor Natura 2000-gebieden in de Zeeuwse Delta. Vanwege de recente uitspraken van de Raad van State over het Programma Aanpak Stikstof (PAS) wordt er extra kritisch gekeken naar ontwikkelingen die leiden tot een toename van de stikstofdepositie in kwetsbare Natura 2000-gebieden. Meer ruimte geven aan activiteiten op het gebied van de vrijetijdseconomie en intensieve veehouderij kunnen mogelijk conflicteren met de ambities voor behoud en bescherming van natuur- en landschapswaarden en de biodiversiteit. Een Passende beoordeling is nodig om significante effecten voor de instandhoudingdoelen van Natura-2000 gebieden uit te sluiten en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken.


Gedeputeerde Staten is initiatiefnemer voor het opstellen van het milieueffectrapport (MER) voor de Zeeuwse Omgevingsvisie 2021. Provinciale Staten is bevoegd gezag.